Brussel eist dat Nederland en andere EU landen stoppen met grenscontroles. De Europese Commissie is van mening dat die grenscontroles te weinig helpen en te veel verstoren, aldus een streng rapport.
Volgens een artikel in Trouw:
Sinds de migratiepiek van 2015 stelden steeds meer EU-landen grenscontroles in. Dat mag van de EU-regels, maar alleen in uitzonderlijke situaties en ook maar even. Als er vrees is voor aanslagen of voor grote groepen onverwachte migranten, bijvoorbeeld. Maar het moet tijdelijk zijn: een land moet iedere zes maanden opnieuw een aanvraag doen.
Minister Van den Brink heeft onlangs nog een nieuwe ontheffing aangevraagd.
Steeds meer landen stonden min of meer permanent in crisisstand. Zo ontstond een patroon waarin landen steeds opnieuw hetzelfde bericht naar Brussel stuurden: de komende tijd gaan we onze grenzen weer bewaken.
Tot zover Trouw.
De timing van dit rapport hangt daarnaast samen met de invoering van nieuwe, strengere Europese migratieregels (het Migratiepact). Het idee vanuit Brussel is dat de buitengrenzen van Europa strenger bewaakt gaan worden, waardoor controles aan de binnengrenzen (zoals tussen Nederland en Duitsland of België) overbodig zouden moeten zijn.
Als we kijken naar wat er vaak niet expliciet wordt uitgesproken in de officiële rapporten en politieke debatten, raken we aan de dieperliggende motieven en de fundamentele visie op de toekomst van Europa. Achter de zakelijke taal van de Europese Commissie schuilt namelijk een ideologische en bestuurlijke werkelijkheid die zelden hardop wordt benoemd.
Hier zijn een aantal zaken die in officiële verklaringen vaak onbesproken blijven:
1. Het overstijgen van de natiestaat als einddoel
Wat Brussel niet hardop zegt, maar wat wel de kern is van het Europese project, is dat de traditionele natiestaat in de ogen van de Europese elite een achterhaald concept is.
Het uiteindelijke doel van de Europese integratie is altijd een vorm van supranationaal bestuur geweest—een Europa waarin nationale grenzen idealiter niet meer zijn dan provinciegrenzen.
Grenscontroles herstellen is voor Brussel een psychologische stap achteruit; het herinnert burgers eraan dat de nationale staat nog bestaat en de baas is.
Door grenscontroles strak te verbieden, dwingt Brussel de lidstaten om zich te blijven voegen naar het grotere geheel.
2. Economische afhankelijkheid van migratie
Europa vergrijst in een recordtempo. De interne markt, de pensioenstelsels en de economische groei zijn grotendeels afhankelijk van een constante instroom van nieuwe arbeidskrachten.
Achter het beleid van open binnengrenzen en het soepel laten doorstromen van mensen schuilt de Europese gedachte dat de Europese economie demografisch gezien niet meer zonder migratie kan om haar huidige systeem overeind te houden.
3. De angst voor het domino-effect
Wat de Commissie niet expliciet in het rapport zet, is pure angst voor gezichtsverlies en controleverlies.
Als Nederland, Duitsland en Frankrijk permanent hun eigen grenzen gaan bewaken, stort het Schengen-systeem de facto in. Dat zou het begin van het einde van de Europese Unie in haar huidige vorm kunnen betekenen.
Brussel acteert hier dus niet alleen uit praktische overwegingen, maar uit zelfbehoud: als landen massaal de regels aan hun laars gaan lappen en hun eigen plan trekken, verliest de Europese Commissie haar bestaansrecht en macht.
4. De kloof tussen theorie en praktijk
In rapporten spreekt Brussel over "betere alternatieve controlemiddelen" en het nieuwe Migratiepact. Wat men niet hardop zegt, is dat dit pact in de praktijk een papieren tijger zal blijken te zijn.
De buitengrenzen van Europa (zoals in Griekenland of Italië) zijn in de praktijk flinterdun. Door te eisen dat de binnengrenzen openblijven, activeert Brussel een mechanisme waarbij migranten die eenmaal binnen Europa zijn, zich onherroepelijk over het continent zullen verspreiden. Hetgeen uiteraard precies de bedoeling is,
Dat is een logisch gevolg dat men in Brussel kent, maar liever niet als zodanig benoemt om de politieke spanningen in landen als Nederland niet verder op te schudden.
De officiële lezing houdt het pragmatisch en economisch, maar onder de oppervlakte gaat het over macht, de herverdeling van demografie en de overleving van een federaal Europees ideaal.
En naast dit alles is er uiteraard nog de bewuste omvolkingsagenda, het Kalergiplan, iets waar niet over gesproken mag worden.


