rsz politiek debatHet recente Kamerdebat over de asielcrisis en de nasleep daarvan leggen een diepe, pijnlijke kloof bloot.

Het debat straalde vooral angst uit. Angst voor het electoraat dat de gevestigde orde al langer de rug toekeert.


Wie het politieke schouwspel van de afgelopen week analyseert, kan zich niet onttrekken aan het gevoel dat de gevestigde Haagse politiek werkelijk aan alle kanten door het ijs zakt.

Gevangen tussen internationale verdragen en de harde realiteit op straat, regeert in Den Haag de angst. Het resultaat? Een defensieve vertoning waarin procedures belangrijker lijken dan resultaten.

Het dieptepunt van deze politieke krampvalligheid werd zichtbaar in de aanval op FvD-fractievoorzitter Lidewij de Vos.

In plaats van de confrontatie aan te gaan op basis van concrete beleidsvoorstellen, probeerde Mona Keijzer haar via een omweg uitspraken te ontlokken over de vraag of 'de Joden' achter een demografische transitie zouden zitten.

De Vos noemde dit logischerwijs een achterlijke vraag. De dynamiek is echter veelzeggend: wanneer de inhoudelijke argumenten om de migratiestroom in te dammen opraken, vervalt Den Haag in framing en morele vingerwijzingen.

Het is een beproefde strategie om de rechterflank te demoniseren, maar het straalt vooral angst uit. Angst voor het electoraat dat de gevestigde orde al langer de rug toekeert.

Misschien nog wel illustratiever voor de Haagse deconfiture was de reactie van CDA-leider Henri Bontenbal.

Geconfronteerd met de kritiek dat het kabinet-Jetten de grip op migratie volledig kwijt is, reageerde hij geagiteerd: „Hoezo we doen niets? We discussiëren hier wekelijks over.”

Het is de ultieme weergave van de Haagse bubbel. Voor een politicus is praten synoniem aan handelen. Bontenbal wijst trots naar het Europese Migratiepact dat diezelfde week door de Eerste Kamer werd geloodst.

Maar de burger thuis heeft geen boodschap aan moties, debatten en complexe Europese verdragen. De burger ziet de druk op de woningmarkt en de incidenten in dorpen zoals Loosdrecht.

Dat een coalitieleider moet terugvallen op het argument dat er "wekelijks wordt gedebatteerd", bewijst hoe ver de politiek van de realiteit staat. 

Het fundamentele probleem van de huidige coalitie (CDA, VVD, D66) is dat zij zich verschuilen achter een juridische muur. Asielminister Bart van den Brink bezweert dat een asielstop "simpelweg niet kan" vanwege internationale verdragen. Jan Paternotte (D66) somt ondertussen een waslijst aan papieren maatregelen op om te bewijzen hoe streng het kabinet wel niet is.

Het is een paradoxale houding: enerzijds claimt de coalitie het 'strengste asielbeleid ooit' te voeren, anderzijds verklaren ze zich bij voorbaat machteloos om de échte instroom substantieel te verlagen.

Hiermee duwt het kabinet de maatschappelijke onvrede alleen maar vooruit. Hoe harder Den Haag zichzelf op de borst klopt over het Migratiepact, hoe groter de woede onder de bevolking zal zijn als blijkt dat er in de praktijk niets verandert.

Het asielvraagstuk is in de kern geen juridische kwestie, maar een politieke en visionaire vraag. Als de huidige internationale spelregels ervoor zorgen dat een land de controle over zijn eigen grenzen verliest, dan moeten die spelregels ter discussie worden gesteld.

Den Haag weigert die fundamentele stap te zetten uit angst voor internationale reputatieschade. Men blijft liever polderen in de marge. Maar met louter praten, framen en procederen lost de politiek de crisis niet op.

Het debat van deze week was dan ook geen toonbeeld van daadkracht, maar een brevet van onvermogen. Een absolute afgang voor de politiek.

Misschien een idee dat Mona Keijzer zich eerst wat verdiept in de materie voordat ze een volgende keer haar mond open doet.